Werkkostenregeling

3.6/5 (5)
WKR

Op deze pagina wordt de werking van de werkkostenregeling (kortweg: WKR) op een eenvoudige manier uitgelegd, zodat u er in de praktijk mee aan de slag kunt.

Schema werkkostenregeling

De werkkostenregeling werkt als volgt: alle vergoedingen en verstrekkingen die de werknemer van de werkgever ontvangt behoren in principe tot het loon. Er bestaan echter een aantal vrijstellingen en mogelijkheden die in onderstaand schema zijn opgenomen en die hierna per item worden behandeld:

Startpunt: alle terbeschikkingstellingen, vergoedingen en verstrekkingen

-/- 1. intermediaire kosten
-/- 2. gerichte vrijstellingen
-/- 3. nihilwaarderingen
-/- 4. vergoedingen en verstrekkingen die aangewezen kunnen worden voor toepassing forfait*
* Hierbij geldt: binnen het forfait van 1,2% van de fiscale loonsom = onbelast, overschrijding forfait = 80% eindheffing.
5. = Alles wat niet mag of kan worden aangewezen als eindheffingsloon is hetgeen belast wordt via de loonstrook.





1. Intermediare kosten

Bij intermediare kosten gaat het om kosten die door de werknemer zijn gemaakt voor de werkgever en waarbij de werknemer optreedt als intermediair oftewel als tussenschakel. De werknemer koopt bijvoorbeeld printpapier en cartridges voor de werkgever en declareert deze kosten. De werkgever kan deze kosten belastingvrij vergoeden.


2. Gerichte vrijstellingen

Onder de gerichte vrijstellingen vallen de volgende kostensoorten die niet worden belast, maar gericht zijn vrijgesteld voor de werkkostenregeling:

  • Gereedschappen, computers, mobiele communicatiemiddelen (iPad, iPhone etc.) en dergelijke apparatuur indien noodzakelijk;
  • Vervoer in het kader van de dienstbetrekking (maximaal EUR 0,19 per kilometer);
  • Tijdelijke verblijfkosten (onder andere overnachtingen);
  • Studie- en opleidingskosten (onder andere cursussen, vakliteratuur en kosten van beroepsorganisaties);
  • Maaltijden als gevolg van overwerk, koopavonden of dienstreizen;
  • Extra territoriale kosten (kosten van tijdelijk verblijf buiten het land van herkomst in het kader van de dienstbetrekking);
  • Zakelijke verhuiskosten.
  • Arbovoorzieningen
  • Branche-eigen producten van de werkgever

3. Nihilwaarderingen (werkplek gerelateerde vergoedingen)

Een aantal voorzieningen die op de werkplek worden gebruikt worden gewaardeerd op nihil wat betekent dat de ter beschikking stellingen niet worden belast. Het gaat hier onder meer om consumpties die tijdens werktijd worden genuttigd (koffie, koekjes etc.), werkkleding (met logo), arbo-voorzieningen en vakliteratuur.


4. Vrijstelling van 1,2% van de loonsom

Voor alle vergoedingen en verstrekkingen die niet onder bovengenoemde categorieën vallen geldt in beginsel dat zij via de loonstrook worden belast. Tenzij de loonbestanddelen als eindheffingsloon woren aangemerkt. Voor het eindheffingsloon geldt een vrijstelling van 1,2% van de totale fiscale loonsom van de werkgever. Een werkgever hoeft dus geen eindheffing te betalen indien de vergoedingen en verstrekkingen een bedrag ter grootte van 1,2% van de loonsom niet overschrijden, de zogenaamde vrije ruimte.


5. Belastbaar loon

Loonbestanddelen die niet zijn aangewezen als eindheffingsloon of niet mogen worden aangewezen als eindheffingsloon (boetes en bijtelling auto) worden ‘regulier’ belast via de loonstrook.


Werkkostenregeling en de financiele administratie

Uit de administratie moeten in elk geval alle loonbestanddelen blijken die u als eindheffingsloon heeft aangemerkt. Daarnaast moeten de toegepaste gerichte vrijstellingen en de berekening van de eindheffing (indien het eindheffingsloon hoger is dan de vrije ruimte) blijken uit de administratie. Hoe u dit aantoont is vormvrij. Er kunnen bijvoorbeeld aparte grootboekrekeningen worden aangemaakt, maar er mag ook een extracomptabele administratie worden bijgehouden ten behoeve van de werkkostenregeling.

Beoordeel deze pagina

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *